VILLACH - RIJEKA
Het is donderdagmiddag 15:00u. Nog snel fietsen we naar de Kijkshop om toch nog een snellader voor de batterijen van de GPS en de fototoestellen te kopen.
Daarna is er gelukkig nog net tijd voor een frietje met kaassouflé voor we met de City Night Line naar München zullen treinen. Na een lange nacht in de slaapstoelen en een treinreis door de heuvels en bergen van Oostenrijk, komen we rond het middag uur aan in Villach, aan de grens met Slovenië.
Hier gaat onze fietstocht van deze zomer beginnen!
|
We tillen de fietsen met bagage uit het hoge bagageruim van de Oostenrijkse trein en rijden het station uit. Er zijn nu twee mogelijkheden: we fietsen naar een camping aan een meer vlakbij Villach en beginnen morgen echt met fietsen, of - en al gauw wint deze optie het van de eerste - we springen op de fiets en rijden vandaag nog Slovenië in.
Het klinkt leuk, naar Slovenië, maar de uitlopers van de Alpen zijn hier steil en de wegen onverbiddelijk. 13 Kilometer na Villach staan we dan ook aan de voet van één van de steilere passen die we tot nu toe hebben gefietst: de Würzenpas. Slechts 1073 meter hoog, maar met drie stukken van 18%!
|
Al direct gaat het stevig omhoog, maar we wijten onze enorme inspanningen nog aan het gebrek aan bergervaring dit jaar. Na een kilometer of 3 doemt opeens een bord op. Het waarschuwt automobilisten dat zij terug moeten schakelen van de 4e naar de 1e versnelling. Dat kan niet veel goeds betekenen!
Nog één relatief makkelijke haarspeldbocht en we staan voor de achtelijk steilste weg die we ooit hebben gezien. Het lijkt wel alsof hij rechstreeks de lucht in gaat! We vragen ons af of het überhaupt mogelijk is om dit soort stijginspercentages met fiets en bepakking trappend te halen...
Gelukkig blijkt het best te gaan en wordt het eigenlijk nog een leuke uitdaging: hoe zacht kun je gaan zonder om te vallen?!? De kilometertellers geven snelheden van 3.6, 3.7 kilometer per uur aan. Gudrun zakt van haar zadel af en JW trekt zijn voorwiel los van het asfalt. Met de stelregels van het klimmen in het achterhoofd - accepteren dat je langzaam gaat, concentreren op de ademhaling, proberen op één tempo omhoog te rijden en niet stil te vallen - bedwingen we het eerste en later ook het tweede en derde stuk 18%. Fietsend!
|
Als we Slovenië in dalen blijkt dat de verwachtte camping al twee jaar niet meer bestaat en nemen we onze intrek in een doods hotel in het dorp Kranjska Gora. We hebben geweldig uitzicht op het Triglavmassief waar we de volgende dag ook daadwerkelijk overheen fietsen.
|
De tweede pas van deze tocht is de Vrsicpas. Door 24 haarspelden fietsen we naar de top op 1611 meter. Het landschap is mooi: veel bomen, hoge bergen om ons heen en een slingerende weg die met iedere bocht hoger de bergen in voert.
|
Eenmaal op de top dalen we met 26 haarspeldbochten de Socavallei in. De weg daalt stevig af en pas op een hoogte van zo'n 600 meter worden de dalingspercentages minder. Wel blijven we de rivier naar beneden volgen en hoeven we maar weinig te trappen. Bij Kovarid gaan we de secundaire weg op en fietsen we al snel meer door het achterland van de Socarivier. Het weggetje ligt er mooi bij en door een glooiend landschap fietsen we door lieflijke, kleine dorpjes waar nog grote, vervallen boerenschuren staan. We groeten veel mensen en krijgen veel groeten terug.
|
Bij Dolenska Trebusa gaan we van de hoofdweg af en fietsen langs een verkeersbord met allerlei enge woorden en '12 km'. We vragen ons af of de weg wel begaanbaar is, maar al gauw blijkt de waarschuwing betrekking te hebben op de staat van het wegdek. En zo fietsen we over een hogergelegen, onverhard weggetje naar naar pasje. De afdaling is weer verhard en we zoeven naar beneden. We hopen nog op tijd in Idrija aan te kunnen komen om vers brood te kopen, maar helaas gaan de winkels op zondag al om 12:00 dicht. Gelukkig hebben we nog een restje brood en kunnen we dus wel lunchen. De kilometers tussen Idrija en Postojna fietsen we wat omhoog en wat omlaag. Zo nu en dan druppelt het wat en in de verte horen we gerommel maar we houden het redelijk droog.
Dan resten ons nog 75 kilometers tot Rijeka, waar we aan het begin van de avond de boot naar Dubrovnik willen halen. De eerste 12 kilometers zijn redelijk vlak en de weg is druk. Daarna slaan we af naar een kleiner weggetje dat duidelijk rustiger is en door wat kleine dorpjes voert. De weg stijgt hier ook iets en slingert mooi door de glooiende heuvels. Dankzij een lekkere afdaling komen we rond lunchtijd precies op tijd in Ilirska Bistrica aan om te kunnen schuilen voor een onweersbui. De rest van de dag blijft het vervolgens zo nu en dan een beetje regenen. Na de grens met Kroatië fietsen we over de oude hoofdweg richting Rijeka. De weg is vlak of licht dalend en als de weg drukker wordt en we Rijeka naderen dalen we af tot zeeniveau. Eenmaal in Rijeka zijn er nog 5 uur over voordat de boot vertrekt...
|
|
|