|   |
|
  |
|   |   |
|   | ||||||||||||||||||||||||
|
Hier kun je onze tips ter voorbereiding van de tocht en voor onderweg vinden.
1. Route bepalen
2. Duur en datum prikken
3. Uitrusting
Deel 1 We zijn onze reis begonnen in Maastricht. Het stuk dat je vanuit daar nog in Nederland fietst, is eigenlijk vrij kort. Punt is, dat je direct in het heuvelachtige land van zuid-Limburg terecht komt, met al na een paar kilometer de Bemelerberg. Probeer rustig te beginnen, je benen moeten waarschijnlijk even wennen aan het heuvelachtige landschap! Neem de tijd om Vianden te bekijken, het kasteel op de heuvel, de stoeltjeslift, het huis van Victor Hugo, het leuke cafeetje met terras boven de rivier,… Houd er rekening mee dat in Lotharingen weinig winkels zijn, en ook weinig campings dicht bij de route. Koop op tijd eten en zorg voor voldoende water! Bij het Grand Etang de Mittersheim is een camping die niet in het boekje staat aangegeven (Le Lac Vert). Het stuk direct na dit meer is het stuk langs het kanaal waar op een gegeven moment een loopbrug komt waar je overheen moet. Wij hoefden alleen de achtertassen van de fiets te halen, het is wel even tillen en sjouwen geblazen, maar dit stuk van de route is wel heel leuk! Op de Col du Donon móet je eigenlijk bosbessentaart eten! Een heerlijk groot stuk Tarte aux myrtilles; inmiddels zowel beroemd als berucht onder de Benjaminse-fietsers! Je moet net ietsje afdalen, het is het enige huis op de aangegeven route. De camping in Rothau is heel leuk en héél goedkoop! Bij Bergheim in de Vogezen kun je kiezen voor twee routes. De eerste is heuvelachtig en voert langs karakteristieke dorpjes als Hunawihr en Riquewihr. De tweede is vlak en slingert door wijn- en fruitgaarden. Wij hebben voor de vlakke variant gekozen, omdat we het jaar ervoor alle dorpjes bovenin al hadden bezocht. Ook de vlakke route is mooi met goed aangelegde paden en zonder al teveel dorpjes die voor oponthoud kunnen zorgen. In Basel is het waarschijnlijk even zoeken naar de juiste weg. Als je er niet meer uitkomt, volg dan de spoor-/trambaan richting Kaiseraugst, zo kom je dan vanzelf weer op de route. Deel 2 Houd er vanaf Zwitserland langzamerhand rekening mee dat de winkels tussen de middag lang(er) dicht zijn. Kies na Oberriet voor de ‘onverharde’ route langs de Ill. Zo kom je door een mooi stuk bos en kun je even goedkoop boodschappen doen (in Feldkirch, Oostenrijk). In Feldkirch kom je uit bij een tunnel door een berg waar je met de fiets niet doorheen mag. Gelukkig loopt er langs de berg een oude weg waar je rustig om de heuvel heen kunt fietsen! Na het fietspad langs de Adda begint de ware Po-vlakte. Het doet wat Hollands aan: rechte, vlakke wegen. In dit eerste stuk zijn nog redelijk wat dorpjes, maar zorg toch al dat je veel water bij je hebt. Het kan ontzéttend warm zijn op de vlakte, waar je ook nog eens nauwelijks beschermd bent tegen de zon (er zijn vooral maďsvelden) en bovendien zijn de winkels hier ’s middags soms van 11:30 tot wel 15:30 gesloten. Veel cafeetjes zijn er niet onderweg, en ook kleine kraantjes langs de weg zijn schaars. De camping van Cremona is het gemakkelijkst te bereiken vanuit het centrum van de stad. Wil je afsnijden in de buurt van Casanova, besef dan dat het ons – en meerdere mensen die wij hebben gesproken – niet gelukt is het witte weggetje te vinden. Je mag NIET fietsen over de rondweg, vraag in het centrum hoe je bij de camping kunt komen! De eerst volgende campings na Cremona die aan de route liggen, zijn de twee campings van Modena. Het is een roteind fietsen, vooral veel rechtdoor maar een dorpje als Sobbioneta maakt een heleboel goed! Modena inrijden was voor ons niet zo’n pretje. We hadden ergens een afslag gemist, waardoor we eigenlijk alleen maar rondjes bleven fietsen. Probeer vaak te vragen of je nog goed gaat, en begin op tijd met vragen naar de camping. Er zijn in Modena twee campings. De ene ligt tussen drie snelwegopritten in, is lóeiduur (het is ons gelukt €3,- korting te krijgen. Maak vooral protest tegen de hoge ‘plaats’-prijs; je hebt immers maar een klein tentje en hebt dus niet zoveel ruimte nodig!), de campingbaas is sacherijnig, maar het sanitair is in principe redelijk goed. De andere ligt iets verder van de snelweg maar het sanitair schijnt minder te zijn. Het fietspad over de oude spoorbedding even buiten Modena is een echte aanrader; leuk traject om richting de Apennijnen te gaan! Kies je ervoor om op de Monte Albano even voorbij Pistóia te kamperen, houd er dan rekening mee dat de camping van San Baronto bárst van de Nederlanders, overgeorganiseerd is en dat de kinderdisco vrij lang doorgaat. Verder is het een schitterend terrein. In Firenze moet je zeker camping ‘Michelangelo’ proberen. Deze camping ligt nog geen twee minuten fietsen van het Piazzale Michelangelo, precies op de route dus. Hoewel het proppen geblazen is (hoe meer zielen hoe meer vreugd, moeten ze haast wel denken bij de receptie), is deze camping heel gezellig. Bovendien loop je zo de stad in en heb je een schitterend uitzicht over Firenze! Deel 3 Mocht je een nachtje in Siena blijven, ga dan zeker ’s avonds lekker ‘chillen’ op het Piazza del Campo; wijntje mee, nootjes mee en hangen maar: buitenproportioneel sfeervol! Voor ons was Le Crete één van de mooiste stukken van de tocht. Van het één op het andere moment sta je middenin de ‘middle of nowhere’. Dat betekent dus: zorgen dat je genoeg water bij je hebt! Bij Trequanda volgt een belangrijke ‘splitsing’: wil je min of meer direct richting Rome, langs stadjes als Montepulciano, Sarteano en Orvieto, of kies je voor een bezoekje aan bedevaartsstad Assisi en andere mooie plaatsen? Wij zijn voor de laatste optie gegaan, daar kunnen we dan ook alleen tips over geven. Al gauw kom je bij het Lago Trasimeno. Een mooi groot meer, waar het jammer genoeg ook flink kan spoken (tenminste, toen wij er waren). Als het water van het meer verandert van blauw naar groenig, zorg dan dat alles droog en windvast staat! Onze stortbui duurde ruim een uur! Perugia is zeker een bezoekje waard, jammer dat de weg er naartoe érg druk is. Even verderop ligt tegen de heuvel het bedevaartsstadje Assisi met z’n witte huizen. De vele kerken in dit stadje zijn zeker een rustdagje waard. Als goede wandelschoenen en genoeg tijd hebt, is het een echte aanrader om naar het San Eremo in Carcere te gaan. Zorg dat je tijdens de siësta gaat, dan is deze serene plaats op z’n mooist. Mocht je aan het eind van je reis nog wat dagen over hebben die je liever niet allemaal in Rome door wilt brengen (bijvoorbeeld omdat het snik-, snikheet is) dan is het Lago di Bracciano een échte aanrader. Eenmaal in Rome is het einddoel natuurlijk bereikt. Toch zijn er nog leuke dingen te doen met de fiets. Een rondrit door de stad bijvoorbeeld, langs alle mooie monumenten. Op de fiets zie je meer en kun je afstappen waar je maar wilt. Als je nog nooit in een écht grote stad hebt gefietst is het misschien even wennen, maar het belangrijkste is, dat je zeker overkomt op de andere weggebruikers. Als je wil oversteken bijvoorbeeld, doe het dan resoluut en ga niet midden op een kruisig twijfelen. Steek duidelijk je hand uit en wacht voor het rode licht! ;-) |
|
||||||||||||||||||||||
|   |   |   |   |   | ||||||||||||||||||||