Bodo – Trondheim

Traag
Vanuit Bodø proberen we via fietspaden weg rv17 te vinden. We fietsen een aantal keer jammerlijk fout waardoor we telkens om moeten keren maar uiteindelijk zitten we toch goed. Hoewel de weg maar heel licht stijgt hebben we een gemiddelde van niks. Jan Willem heeft een klein beetje last van zijn knie en ook Gudrun heeft het gevoel dat haar benen niet precies doen wat haar hoofd wil. Omdat we dichtbij de Saltstraumen zijn, besluiten we een dagje relaxed te doen. We zetten onze tent op de camping en gaan ‘s middags naar ‘s werelds grootste maalstroom kijken.
Doordat het water als gevolg van de getijden iedere zes uur van het ene fjord naar het andere moet, ontstaat hier vier keer per dag een waterstroom die zich met een snelheid van zo’n 40 km/u verplaatst. Overal ontstaan draaikolken die tot wel 5 meter diep kunnen worden en een diameter kunnen hebben tot 10 meter. Zo spectaculair zien wij de draaikolken in ieder geval niet. Het ziet er leuk uit, maar we vinden het niet echt heel indrukwekkend.

RV17
Na de Saltstraumen begint de rv17, de Kystriksveien ofwel de Coastal Route eerst wat te klimmen. Op iedere ‘top’ hebben we uitzicht op kleine meertjes, telkens op een ander niveau. Op het stuk dat volgt komen we drie tunnels tegen. De eerste twee zijn vrij kort maar stijgen overwegend, de derde is ruim drie kilometer maar is wel vlak. Aan het eind van de tunnel begint de afdaling naar zeeniveau en als we beneden zijn, volgen we de kust waar de wolken tegen de bergen aan lijken te botsen: er zitten grote grauwe plukken bij de toppen.

Pontjes
Wat volgt is een stuk dat telkens onderbroken wordt door boottochtjes. Van Ørnes naar Vassdalsvik moeten we met het eerste pontje. Het is verplicht omdat de tunnel bij Glomfjord verboden is voor fietsers. Na een halfuurtje varen begint het volgende etappetje van 29 km. We fietsen eerst een stukje door het binnenland en dan heuvelend langs het water.
Aan de zuidkant van het fjord moeten we nog even flink klimmen. We bereiken de tweede pont precies tijdens lunchtijd, als de vaart even een uurtje stilligt. We maken van de gelegenheid gebruik om te lunchen. Het volgende stuk is weer 29 kilometer lang. We weten dat 1,5 uur later de pont vertrekt en dat de volgende afvaart pas uren later is. We hopen dus maar dat we het zullen halen. Het eerste stuk fietst prima, het lijkt vlakker dan het vorige fjord. Na de 3232 meter lange tunnel zien we op een bord dat het nog 10 km. is naar Jektvik. Het is 14:47 en om 15:20 gaat de boot. Een halfuur voor 10 kilometer, dat wordt nog doorfietsen! We fietsen in een dalletje en krijgen de wind recht van voren. De weg daalt licht en kop over kopen beuken we tegen de wind in. We fietsen hard en na nog een korte tunnel moeten we wat klimmen. Het is 15:01 en we moeten nog 3 kilometer. We gooien er dus nog een schepje bovenop. En dan: we wisten niet dat je in 3 km. nog zoveel redelijk steile klimmetjes kunt krijgen… Omdat we nu zo dichtbij zijn, willen we het ook halen. JW fietst voorop, Gu volgt. We fietsen ons helemaal het leplazarus, ademen als gekken en fietsen ‘het snot voor ogen’, moeten bijna overgeven maar dan de laatste klim mogen we wel met 11% afdalen en zien we de pont net precies aanleggen. Het is gelukt! Om 15:11 staan we vooraan in de rij. Tijdens deze tocht, die een uur duurt, passeren we de Poolcirkel. Er staat een zelfde monument als op de Noordkaap om het punt aan te geven.

Kale heuvel
Het eerste stuk na Kilboghamn, waar de pont aanlegt, gaan we direct omhoog tot bij een meer en daarna ook weer naar beneden. Behalve een kleine supermarkt in een gehuchtje na Bratland en een kiosk bij het oorlogsmonument bij Brønsvik komen we op dit stuk geen winkels tegen. Vanaf het oorlogsmonument wordt het landschappelijk gezien wat ons betreft wat saaier: de heuvels worden lager en er is niet zo heel veel begroeiing. De weg wordt ook minder heuvelachtig. Waar we wel van genieten zijn de uitzichten die we hebben over de zee en de kleine eilandjes. We komen door een 2870 meter lange tunnel en eenmaal buiten fietsen we langs en kale heuvel. Kilometers later, na nog een paar tunnels en de beklimming van de Sjonfjelletberg (eerst veel bomen, watervalletjes, later kaler en winderiger) zien we nog steeds de kale heuvel, alleen nu van bovenaf en met het water in de fjord aan onze rechterkant in plaats van aan de linker.

Beu
Na de pont bij Nesna besluiten we waar mogelijk weer richting de E6 te gaan.
Het weer blijft een beetje kwakkelen en we zijn het wachten voor de pontjes flink beu. En zo slaan we dus linksaf weg nummer 78 op, richting Mosjøen. De eerste kilometers heuvelen behoorlijk, daarna wordt het vlakker. We volgen opnieuw een fjord en zien in de verte Mosjøen al liggen. Na dat stadje komen we dan weer op de E6 terecht. Het is drukker dan in het Hoge Noorden maar het is nog prima te doen. En omdat we een rivier volgen, is de weg vlak.
Slechts één keer moeten we een kilometer klimmen en in de afdaling van die klim is de afslag naar de Laksforsen waterval. De weg wordt daarna smaller en glooiender en stijgt een kilometer of 50 zeer geleidelijk. In de afdaling verandert het landschap. De heuvels worden steeds minder laag, het dal is breder en we raken steeds verder van de rivier af. Voor we er erg in hebben fietsen we alweer onder de “Poort naar Noord-Noorwegen” door.
Deze poort vormt als het ware de scheiding tussen het noorden en het zuiden van het land. Op de stukken dat de E6 onder het spoor door moet, wordt de weg soms angstvallig smal. Zo smal zelfs, dat er geen twee auto’s naast elkaar kunnen rijden. En dat voor wat zich de ‘Arctic Highway’ noemt! Na een korte klim richting een stuwmeer dalen we af en volgen de rivier en het nauwe, mooie, groene dal tot in Grong. Daarna heuvelt het wat tot bij het Snåsavatnet.

Graanvelden
Na Snåsavatnet zien we opeens weer graanvelden, iets wat we sinds thuis niet meer hebben gezien. We zijn helemaal verbaasd. Vlak voor Steinkjer wordt de E6 opeens een soort echte snelweg: er zit een betonnen vangrail tussen de tussen de rijbanen en het is verboden voor fietsers. Gelukkig kunnen we met de oude E6 de stad binnen fietsen. De weg is nog prima, er rijdt bijna niemand en we hebben superuitzicht op het water!

8 bar
In Steinkjer rijden we even langs een fietsenmaker om te kijken hoe onze banden er voor staan. Als we vragen of de man misschien met een drukmetertje wil kijken hoeveel lucht er nog in onze banden zit, meldt de ‘fietsenmaker’ vrolijk dat er iets teveel lucht in JW’s band zit: 8 bar. Haha, we weten niet hoe gauw we weg moeten komen, wat een onzin! Dan zouden we allang ontploft zijn…

Richting Trondheim
We nemen weg nummer 755 om Trondheim te bereiken. Op de kaart hebben we gezien dat de E6 vlak voor Trondheim echt heel groot wordt en we hebben geen zin om te moeten zoeken naar fietspaden om de stad in te komen. Bovendien staat er op onze kaart een camping bij Flakk, een plaats die we mooi met een pontje kunnen bereiken vanaf de 755. We fietsen – gratis – over een beroemde (want prijzen gewonnen) tolbrug en gaan dan de lucht in. Het is hier allemaal best verlaten en het is mooi: dennebomen, heuvels, schapen langs en op de weg…
Uiteindelijk dalen we in haarspelden af naar zeeniveau. Vlak voor we op de boot naar Flakk stappen, komt er een fikse regenbui over ons heen. We schuilen bij de ingang van een school.
Een dag later gaan we met de bus naar Trondheim waar we het geluk hebben dat er een markt is met allerlei etenswaren uit de regio. We verzorgen zo een geheel gratis lunch voor onszelf!

Geplaatst door JW & Gu op 23/09/05 om 8:58

Blog entry